Natuursteen
Natuursteen is een verzamelnaam voor de verschillende steensoorten die uit de natuur komen, zoals bijvoorbeeld graniet, basalt, leisteen, marmer of kwartsiet. Iedere natuursteensoort heeft zo zijn eigen eigenschappen wat betreft uitstraling en structuur. De natuursteen kan worden verwerkt voor alle denkbare toepassingen zoals vloeren, schouwen, keuken- en wastafelbladen, spoelbakken, baden, maar ook in de bouw (in- en exterieur) wordt dit stijlvolle product met zijn tijdloze karakter steeds meer toegepast.
Hoe ontstaat natuursteen?
De vorming van natuursteen is een ingewikkeld geologisch proces dat in het schema hiernaast wordt het sterk vereenvoudigd weergegeven. In korte lijnen ontstaat natuursteen uit gestold vloeibaar gesteente (magma of lava) of uit sediment (zand, klei, kalk) dat is versteend onder druk vaak in combinatie met hoge temperaturen.
Bijna overal ter wereld is natuursteen te vinden en geen plek ter wereld heeft dezelfde geologische ontwikkeling doorgemaakt. Dit geologische proces bepaalt het uiterlijk en de eigenschappen van natuursteen. Hierdoor zijn er erg veel verschillende natuurstenen.
Natuursteen groepen
In de geologie is het gebruikelijk dat alles in groepen wordt ingedeeld, zo ook natuursteen. Er zijn 3 hoofdgroepen en 5 subgroepen:
- Stollingsgesteenten
Dieptegesteenten
Ganggesteenten
Uitvloeiingsgesteenten - Sedimentgesteenten
Afzettingsgesteenten
Neerslaggesteenten - Metamorfe gesteenten
Stollingsgesteenten
Stollingsgesteenten zijn eenvoudig gezegd ontstaan door afkoeling en stolling van vloeibaar gesteente.
Wanneer het vloeibaar gesteente (magma) in de aardkorst afkoelt, ontstaan dieptegesteenten.
Wanneer vloeibaar gesteente (lava) buiten de aardkorst afkoelt, ontstaan uitvloeiingsgesteenten.
Wanneer magma stolt in spleten of breuklagen in de aardkorst, onstaan ganggesteenten.
Dieptegesteenten
Dieptegesteenten zijn geleidelijk afgekoeld en onder grote, constante druk gevormd. Dit resulteert in grofkorrelige gesteenten, met duidelijk waarneembare kristallen. Uiterlijk en samenstelling van dieptegesteenten zijn regelmatig, maar stenen onderling kunnen sterk in uiterlijk verschillen. Bijvoorbeeld graniet en gabbro zijn dieptegesteenten.
Ganggesteenten
Ganggesteenten zijn ontstaan in spleten of gangen in de aardkorst. Daar is het magma geleidelijk afgekoeld onder grote, constante druk. Het stollingsproces is sneller verlopen dan bij dieptegesteenten. Dit resulteert in min of meer grofkorrelige gesteenten. Uiterlijk en samenstelling van ganggesteenten zijn regelmatig, maar stenen onderling kunnen sterk in uiterlijk verschillen. Bijvoorbeeld diabaas en porfier behoren tot de ganggesteenten.
Uitvloeiingsgesteenten
Magma kan uit het binnenste van de aarde aan het aardoppervlak komen, wat we dan lava noemen. Na bijvoorbeeld een vulkaanuitbarsting zal de lava snel afkoelen en verharden. Deze stenen bevatten geen of bijna geen kristallen. Luchtbelinsluitingen kunnen voorkomen. Uitvloeiingsgesteenten zijn meestal gelijkmatig van uiterlijk en samenstelling. Bijvoorbeeld trachiet en basalt zijn Uitvloeiingsgesteenten.
Sedimentgesteenten
Sedimentgesteenten zijn ontstaan uit afzettingen van sediment (zand, klei, kalk) in rivieren en zeeën. Er zijn twee soorten: afzettingsgesteenten en neerslaggesteenten.
Afzettingsgesteenten
Afzettingsgesteenten zijn ontstaan door het afzetten van klei-, zand- of kalklagen die vervolgens zijn versteend. De erosie van bergen, oftewel natuursteen, levert zand en klei, die bijvoorbeeld in de rivierendelta's van Nederland worden afgezet. Kalklagen worden gevormd door de resten van schaaldiertjes, koraal e.d. Kleisteen, zandsteen en sommige kalkstenen behoren tot de afzettingsgesteenten. Kleisteen is uit lagen klei gevormd en heeft daardoor een gelaagde structuur. Zandsteen is uit zand gevormd en heeft daardoor een poreuze structuur. Kalksteen is uit kalk gevormd en bevat vaak fossielen, die iets vertellen over de herkomst van het kalk.
Neerslaggesteenten
Neerslaggesteenten zijn ontstaan door het neerslaan van kalk uit met kalk verzadigd water. Sommige kalkstenen behoren tot deze groep (zie ook afzettingsgesteenten). In het algemeen is het uiterlijk van kalkstenen ontstaan uit neergeslagen kalk fijner gelaagd dan die door afzetting zijn ontstaan. Ook dit type kalksteen kan fossielen bevatten.
Metamorfe gesteenten
Deze worden ook wel omvormingsgesteenten genoemd en ontstaan door bewegingen in de aardkorst. Daardoor worden reeds gevormde stollings- of sedimentgesteenten blootgesteld aan extreme druk eventueel in combinatie met hoge temperaturen. Daardoor ondergaan deze gesteenten een gedaanteverwisseling of metamorfose. Hierdoor veranderen zowel het uiterlijk als de eigenschappen. Enkele voorbeelden van metamorfoses
Kalksteen -> Marmer
Kleisteen -> Leisteen
Zandsteen -> Kwartsiet
Graniet -> Gneis


